'Dis meer met die vloekwoorde waar ek vernuwend raak'

Oorspronkelijke auteur: 
Mike Nicol
Oorspronkelijke titel: 
Of Cops & Robbers
Vertaler: 
Jaco Botha
Reflectie: 

Interview met schrijver en vertaler Jaco Botha

 

door Rob van der Veer

 

Een paar weken geleden was ik in het Zuid-Afrikahuis, waar ik Dieners & Donners uit de kast trok, een thriller van de schrijver Mike Nicol. Het bleek een vertaling te zijn van Of Cops & Robbers, gemaakt door Jaco Botha. De kennismaking met Mike Nicol beviel me zo goed dat ik snel daarna nog twee van zijn thrillers heb gelezen, in het Engels, niet in een vertaling van Botha. En ik zou bijna zeggen, jammer, want Botha’s vertaling van Dieners & Donners leest als een trein, en bovendien heeft hij de stijl waarin Of Cops & Robbers is geschreven heel goed te pakken: de toon van de gestampte pot, de taal van echte mannen, met veel vaart in de beschrijvingen en de dialoog.

Op LitNet staat een vrolijk gesprek tussen Jaco Botha en Mike Nicol. Daarin zegt Botha onder meer dat hij het boek niet eerst heeft gelezen. ‘Ik lees en vertaal per bladzijde – hoe sneller ik vertaal, hoe sneller ik weet wat er op de volgende bladzijde gaat gebeuren. Het is een systeem van jezelf telkens belonen. Mijn snelheid kwam neer op zo’n zes tot zeven bladzijden per dag. Omdat ik bezig was met andere projecten, kon ik alleen ’s avonds aan de vertaling werken. Ik had een deadline van drie maanden voor de ongeveer 378 bladzijden. Het interessante is dat je, om hetzelfde verhaal in het Afrikaans te vertellen, meer woorden en lettergrepen nodig hebt dan het Engels. De vertaling kwam uit op ongeveer 384 bladzijden.’

Tijdens dit gesprek kwam ook naar voren dat het af en toe nodig bleek om een vorm van herschrijven toe te passen. ‘Sommige passages heb ik eerst vertaald en daarna herschreven om het geheel een Afrikaanser klank te geven. Hier en daar heb ik een vorm van creatieve vrijheid toegepast. Volgens mij is het je taak als vertaler om de geest van de schrijver door te geven, de essentie van de tekst, en om dat te bereiken is het soms nodig een eindje van het origineel af te dwalen.’

Deze kennismaking met Jaco Botha als vertaler was reden om hem een paar vragen te stellen.

 

Waarom heeft de uitgever speciaal aan jou gevraagd om Of Cops & Robbers te vertalen? Denk je dat hij taal- en stijlovereenkomsten heeft gezien in jullie werk?

Ek vermoed dit is omdat ek in my eie werk ook ’n redelik hardegat, gung ho styl het soos Mike.

 

Heeft je vertaling van Of Cops & Robbers invloed gehad op je eigen schrijfwerk? Of had je genoeg andere werkzaamheden tijdens het vertaling om die invloed ongedaan te maken?

Daar was beslis ‘n invloed op my eie skryfwerk. Die vertalingsproses het my weer lus gemaak vir fiksie skryf en weer opgewonde gemaak oor die filmiese skryfstyl en droë onderbeklemtoning waarmee beide ek en Mike werk.

 

De Afrikaanse titel luidt Dieners & Donners. De Engelse titel is Of Cops & Robbers. In het Afrikaans valt de ironie weg. Mijn eigen ervaring is dat de Nederlandse titels van vertaalde romans soms banaler zijn dan hun titel in de brontaal. Hoe voel jy over de Afrikaanse titel? Heb je daar enige invloed op gehad?

Die titel is die eerste deel van die boek wat ek vertaal het. In Afrikaanse spreektaal is “dieners” ‘n term wat vir die polisie gebruik word, soos “cops” in Engels. Die alliterasie van Dieners & Donners (wat skeltaal vir kansvatters is) het net te lekker gewerk en in my kop dalk selfs beter as die oorspronklike Engels. It is true to the content of the book.

 

Denk je dat een boek als Of Cops & Robbers door een vrouw zou kunnen worden vertaald? Het is geen politiek correcte vraag, maar heb je begrip voor de stelling dat sommige boeken beter door een man en andere boeken beter door een vrouw kunnen worden vertaald?

Dit is ’n manlike boek en vra vir ’n manlike stem. Indien jou vertaler (manlik of vroulik) die manlike stem van die oorspronklike teks respekteer en kan oordra na die vertaalde taal, hoekom nie?

 

In een artikel op LitNet vertel je dat de weergave van het surfersjargon lastig was en dat ook het ritme van de surfbeschijvingen je de nodige hoofdbrekens heeft gekost. ‘Gee vir ’n Boer eerder ’n bakkie as ’n surfboard.’ Zijn er woorden of zinnen die écht onmogelijk waren om te vertalen of pas na heel lang nadenken? Heb je ook een bijzondere vondst waar je trots op bent?

Ja, die woordeskat van enige taal is maar beperk tot die aktiwiteite van die gebruikers van daardie taal. Baie Afrika-stamme se tegnologie-woorde is gevolglik afgelei van die Europese invloedstale.

Ek  het nou vinnig oor die teks gelees – nie iets wat ek werklik as vernuwend kan beskryf nie – ek het maar probeer om die ritme te handhaaf en so reg moontlik te vertaal sonder om korrektheid in te boet.

Dis meer met die vloekwoorde waar ek vernuwend raak. :-)

 

Om een voorbeeld te geven van hoe er in het Afrikaans wordt gesurfd:

‘Surfers Corner, Muizenberg, met ’n woelige see. Golwe: diep oseaan, stormbranders, meter en ’n half, twee meter hoog, donner in, tuimel regs. Genoeg slaankrag om jou te laat hyg in die tuimel, ’n oomblik se ekstase op die gesig geskryf.

Vis Pescado en Daro Attilane in duikpakke skop op hul langplanke tot tussen die agterste branders, voel die see sleur en pols soos hul deur die witwaters breek. Hulle veg deur die deinings en trôe, tot anderkant die stoot van die pieke, lywe wat pyn.’

 

Mike Nicol vertelt op LitNet dat hij van zijn andere vertalers veel vragen krijgt over specifiek Zuid-Afrikaanse omstandigheden en over het vaak Afrikaansgetinte slang dat hij gebruikt. Daar heb jij uiteraard geen moeite mee. Ben jij in zijn tekst weleens gestuit op culturele elementen uit de Afrikaner wereld waarvan je denkt – nee, ik geloof toch dat het een beetje anders zit?

Ek lewe in ’n verskeidenheid Suid-Afrikaanse wêrelde en my kultuurverwysingsraamwerk is veel wyer as net die van die Afrikaner. Ek ken meeste van Mike se wêrelde intiem, en waar daar woorde daarvoor is, kan ek daardie kultuur na Afrikaans vertaal.

 

Zou je wel vaker een boek willen vertalen? Als je zelf een boek mocht uitkiezen om te vertalen, wat zou je dan voorstellen?

Ek is ’n groot fan van Haruki Murakami – sou nie omgee om sy wonderlike mindscape na die Afrikaanse wêreld te bring nie. Ek weet Raymond Carver het goed gedoen as Nederlandse vertaling, maar onseker of ons lesersmark gesofistikeerd genoeg is om enige van hierdie twee skrywers te waardeer.

Ek wonder nogal hoe sal Nederlandse spanningsverhale in Afrikaans sou doen – die Duitse spanningsverhaalskrywer, Konsalik was in die 1960’s en 70’s uiters gewild in Afrikaans.

 

Konsalik heeft destijds in Nederland ook veel lezers gehad. Hoe was trouwens de ontvangst van Dieners & Donners, en wat voegt Mike Nicol volgens jou toe aan het werk van schrijvers als Deon Meyer, Chris Karsten en Karin Brynard?

Ek verstaan die Afrikaans het heel goed verkoop – nou nie in die liga van Deon Meyer nie, maar Mike moet nog bekend word by Afrikaanssprekendes.

Genoemde skrywers is almal sterk misdaad / spanningsverhaalskrywers in eie reg. Mike bring vir my ’n uiters sterk ironiese en slim vertelstyl, wat ek nie vantevore in Afrikaans teegekom het nie.


Krijg je royalty’s, als vertaler, wanneer Dieners & Donners goed verkoopt?

Nee, ek word ’n vaste bedrag betaal vir die vertaling. Ek vertaal vanaf Augustus Mike se nuwe boek ook na Afrikaans. Na die sukses van Dieners & Donners gaan Mike Nicol later hopelik ’n huishoudelike naam by Afrikaanse lesers word.

 

Nou, hopelijk komt die vertaling ook in de bibliotheek van het Zuid-Afrikahuis terecht! En Jaco, veel dank voor dit korte onderhoud.

My plesier.

 

Jaco Botha is zelf ook schrijver. Meer over Jaco en zijn werk is te vinden op: http://www.nb.co.za/Authors/3216.

Rob van der Veer is vertaler. Onlangs verschenen zijn vertaling van Kroniek van Perdepoort van Anna Louw (uitgeverij Van Oorschot) en Dit leven van Karel Schoeman (uitgeverij Brevier). Beide romans werden in de Nederlandse pers positief ontvangen.